Menu & Search

Zo kun je een goed (bedrijfs)concept ontwikkelen

Zo kun je een goed (bedrijfs)concept ontwikkelen

Hoe kun je een goed concept ontwikkelen? Conceptontwikkelaar Lilian Prins geeft een stoomcursus.


Als ondernemer en/of creatieveling stroom je wellicht over van de goede ideeën. Althans, in je hoofd zijn het goede ideeën. Hoe weet je of je concept of plan ook echt een goed idee is en of je het in de markt kunt zetten? Conceptontwikkelaar en trendonderzoeker Lilian Prins vertelt hoe je een goed werkend concept kunt ontwikkelen.

Slecht nieuws voor wie hoopt direct de creatieve sessies in te kunnen duiken: een goede voorbereiding is het halve werk. “Onderzoek doen is het belangrijkst, pas daarna komt de creativiteit”, zegt Prins, die verschillende concepten ontwikkelde en daarnaast als kapper en visagiste werkt. “Creativiteit is leuk, maar als het nergens op gebaseerd is heb je er niks aan. De markt moet ergens op vragen.”

Concept ontwikkelen

Daarbij maakt ze gebruik van de DOTS-analyse: doelgroep, organisatie, trends en sector. “De organisatie ben jij, jouw bedrijf of je opdrachtgever.” De doelgroep heb je voor deze analyse al in kaart gebracht. “Je gaat kijken wat de waarden van jouw bedrijf zijn en de waarden van je doelgroep onderzoeken.” Bij waarden kun je denken aan duurzaamheid en eerlijk ondernemen of nuchter en daadkrachtig zijn. “Als bedrijf streef je bepaalde waarden na, maar ziet jouw doelgroep dat ook zo? Zoek de verschillen en overeenkomsten zodat je een fit kunt creëren.”

De tweede stap is de sector waarin je werkt of wil werken analyseren en kijken wat daar de ontwikkelingen zijn. “Is dat uiterlijk en identiteit, zit je in sport en gezondheid of financiële dienstverlening? Bepaal in welke sector je zit en kijk wat daar de ontwikkelingen zijn.” Stap daarbij ook je sector uit. “Als kapper kan ik alleen met kappers praten, maar daar tref ik geen nieuwe doelgroep met hun waarden aan. Terwijl ik een dienst of product voor hen aan het maken of verbeteren ben.” Innovatie komt vaak tot stand door ‘cross-sectoraal’ werken, voegt ze toe. “Verschillende sectoren die samen komen. Een koffiezaakje in een kledingwinkel, een barbershop in een fietsenwinkel, maar bijvoorbeeld ook game-nerds die samenwerken met ziekenhuizen, zodat de machines waarmee geopereerd wordt nog fijner werken.”

Deze vier elementen breng je bij elkaar. Op basis van de informatie en gegevens die je hebt verzameld, kun je iets gaan creëren. “De puzzelstukjes die op hun plek zijn gevallen, dat is je concept. Komen waarden als duurzaamheid, samen sterk, lokaal met een natuurlijke touch naar voren? Dan is dat je fit. Van die ‘waarden woordenmix’ creëer je een conceptstatement. Vanuit die conceptstatement kan je heel veel verschillende concepten creëren en ga je creatieve dingen bedenken.” De meeste mensen doen dat door middel van brainstormsessies, daar zijn talloze methodes voor. Wat bij je past, is iets waar je gaandeweg achter komt. De ideeën die uit sessies voortkomen werk je verder uit en filter je. “Wat zijn leuke, haalbare en innovatieve ideeën? Heb je daar budget voor? Kun je het waarmaken? Je filtert, voegt samen en komt zo tot een paar ideeën die je kunt gaan toetsen.”

Laten testen

Toetsen kan op verschillende manieren. Door een groep creatieven stickers te laten plakken bij een aantal beste ideeën, bijvoorbeeld. “Dat is je eerste filter. Daarna kun je een testpanel bij elkaar gaan zoeken om de overgebleven ideeën te gaan testen.” Het panel bestaat uit mensen die je doelgroep representeren. “Het is belangrijk dat je ze helemaal meeneemt. Door moodboards, een introductievideo of een mockup. Zodat ze een idee krijgen van de look and feel, zodat ze het concept meekrijgen. Het moet tastbaar zijn.” Documenteer daarbij hoe mensen zich bij je product voelen, wat ze wel of niet fijn vinden en wat er beter kan. “Jij vindt het misschien een goed idee, maar vinden zij dat ook?” Op basis van de feedback ontwikkel je het idee door.

Klinkt als een hoop gedoe. “Het gaat steeds sneller. Zeker als je al weer wat er in de sector speelt omdat je er bijvoorbeeld in werkt. Dan zijn uitgebreide analyses minder nodig. En hoe vaker je bezig bent met een concept ontwikkelen, hoe makkelijker het wordt omdat je weet wat je doelgroep is, hoe het met budgetten werkt, je netwerk groeit en je weet hoe je iets in de markt zet. Hoe meer je ontwikkelt, hoe minder tijd het kost.”

Steeds minder werk

Of het voor iedereen is weggelegd? “Ik denk dat iedereen een stappenplan kan doorlopen. Het wordt makkelijker als je begeleiding hebt van een ervaren ontwikkelaar of business coach. En je moet de tijd nemen om alles uit te werken. Dat betekent dat je er hard voor moet werken.” Het eerste gedeelte vinden veel creatieven niet het leukste, maar het is wel van belang, zegt Prins. “Je hebt een basis nodig om op terug te pakken. Wil je een bedrijf of product in de markt zetten, dan moet je daar moeite voor doen. Het is niet zo dat het zomaar werkt en je kunt gaan beginnen omdat het in je hoofd zo goed klinkt.”

Prins werkt tijdens het proces het liefst samen met anderen. “Ik denk sowieso dat het belangrijk is een netwerk te hebben van mensen met wie je aan tafel kunt gaan.” Daarbij moet je de juiste mensen om je heen verzamelen. “Creatievelingen die je kunnen helpen met een brainstorm, andere ondernemers die je kunnen helpen met hun netwerk of investeerders en financiële experts met budgetten opstellen. Dat brengt je verder. Een goed idee is leuk, maar als je niemand kent heb je er geen fuck aan.”

Lees ook: Zo werkt een creatief proces

Is er iemand die je graag terug zou zien in een interview, heb je een gouden boekentip of is er een onderwerp waarvan je wil dat ik erin duik? Stuur me een berichtje via info@ingelisedevries.nl!

Samenwerken? Check ingelisedevries.nl.

Mijn Engelse artikelen lees je op Medium.

Alle verhalen op dit blog schrijf ik vrijwillig. Vind je het tof om te lezen en wil je daar wat tegenover stellen? Via PayPal kun je een zelf te bepalen bedrag naar mij overmaken.