Menu & Search

Van Utrecht naar Parijs (17)

Van Utrecht naar Parijs (17)

Klik hier voor de andere delen.

Zelfverzekerd en met het goede voornemen haar Frans te laten gelden stapte Ingelise op de man af. Met Jorik in het kielzog. Die had al snel afleiding gevonden. Sietse belde. Gefrustreerd dat hij zich ermee moest bemoeien, vroeg Ingelise de weg aan de parkeerwacht. Ze wilde het zelf doen. “We moeten naar camping Bois Du Boulogne. Hoe komen we daar het makkelijkst?” vroeg ze in haar beste Frans. “Bois Du Boulogne?” De parkeerwacht begon te lachen. “Nou, eh, met de bus is het een kwartiertje.” Ingelise keek de man met een scheef gezicht aan. “Nou ja… Dat is dus het probleem, de bus rijdt niet meer.” Het Frans ging haar bizar makkelijk af. Ondertussen discussieerden Jorik en Sietse in het Nederlands wat ze het beste konden doen. “En lopend?” vroeg Ingelise aan de parkeerwacht. Hij begon nog harder te lachen. “Je moet niet gaan lopen. Dat duurt minstens een half uur. Na tienen moet je hier niet meer gaan lopen. Hoe laat is het?” Ingelise keek op haar telefoon. “Bijna één uur.” “Je moet niet meer gaan lopen. Veel te gevaarlijk. Er zitten hier heel veel prostituees. Ook als jongen moet je hier niet meer gaan lopen. En helemaal niet jullie met z’n tweeën.” De man keek haar aan. “Jorik, we zitten in de rosse buurt van Parijs!” riep Ingelise, met een sprankeltje blijheid van haar gelijk. “Ehm, Siets, we zitten in de rosse buurt van Parijs.” meldde Jorik door de telefoon. “Met wie belt hij?” vroeg de parkeerwacht. “Oh, met een vriend van ons. Die zit al op de camping.” “Kan hij jullie niet ophalen ofzo?” Ingelise keek de man beduusd aan. “Ze hebben geen kaart van Parijs. Bovendien heeft die knul geen rijbewijs.” Hij claimde altijd wel te kunnen rijden, maar in een busje van de Universiteit Utrecht door Parijs rijden zonder kaart en rijbewijs leek haar geen goed plan. Die keer dat ze hem op de parkeerplaats had zien scheuren in de Clio, de Ferrari in de volksmond, die ze met vier vrienden hadden gekocht, had al genoeg gezegd. De Clio in kwestie was de laatste paar weken ook niet meer van zijn plek geweest. Gek genoeg was het oude, geliefde autootje kapot. Bovendien wist ze zeker dat het bier al rijkelijk gevloeid had. “Nope. Geen optie. Ik denk dat we moeten lopen.” De man keek haar nogmaals aan. “Oké, je moet het zelf weten.” “Weet u dan de weg?” Ze durfde het bijna niet te vragen. “Wacht even.” beviel hij, en hij liep naar binnen.

“Jaap en Sietse komen ons tegemoet lopen.” vertelde Jorik. Er zat weinig anders op. Nu moesten ze de weg nog vinden. Ze liepen de parkeerwacht achterna. Het restaurantje zat misschien niet op een heel idyllische locatie, maar het interieur maakte een boel goed. Het restaurant serveerde veel vis, aan de visresten buiten te zien. De buitenkeuken werd net opgeruimd. Het rook als de viskraam die na een dag in de brandende zon zijn biezen had gepakt, maar het zag er des te lekkerder uit. Ingelise was de frietjes en de burgers in Lille allang vergeten, en kreeg weliswaar weer trek. “Dat ziet er lekker uit.” zei ze tegen de parkeerwacht, die terugkwam met een andere man. “Vast.” antwoordde hij. “Ik ben alleen parkeerwacht.” Hij legde de situatie uit aan de andere man, die de weg waarschijnlijk wel wist. “Wacht even, wacht even.” zei de man, terwijl hij weer naar binnen liep. De haast en wispelturigheid van de Fransen was bijna normaal aan het worden. “Ik kan geen kaart vinden.” zei hij toen hij terugkwam. “Oké, luister. Je gaat die straat in.” Hij wees rechtdoor. “Ah. Daar kwamen we vandaan…” mompelde Ingelise. De man vervolgde zijn verhaal. “Dan ga je rechtdoor, alsmaar rechtdoor. Dan kom je bij de Seine. Je steekt de Seine over, en dan ga je links. Snap je? Links.” Wonderbaarlijk genoeg snapte Ingelise elk woord van de man. “Oké. Dank u wel! Onze vrienden komen ons tegemoet lopen, dus dan moet het goed komen.” De mannen smoesden nog wat, terwijl Jorik en Ingelise naar het stoplicht liepen.

5 Comments

  1. 10 jaar ago

    Nou dat wordt dus een wandelingetje door de rosse buurt.

  2. 10 jaar ago

    ilove je schrijfstijl enne ik ben benieuwd naar het volgende deel 😉

  3. 10 jaar ago

    Nu wil ik meer weten!!..

  4. 10 jaar ago

    En nu.

    Dit vind ik dus niet leuk, een beetje stoppen met een cliffhanger.

    Verder is het echt geweldig geschreven.

  5. […] staan. Hij was ongetwijfeld Frans, want die taal sprak hij. Ik beheers die taal eigenlijk alleen om één uur in de nacht en tijdens mijn mondelinge examen spreek, waar ik samen met Monica glansrijk voor slaagde met een […]